TotaalOK congres

Op donderdag 22 juni 2017 vond het TotaalOK congres plaats in de jaarbeurs. Namens C+C consultancy was Jan Pleunis één van de sprekers en waren meerdere adviseurs van ons aanwezig in de stand.

Bij de renovatie en nieuwbouw van een OK-complex zijn veel verschillende partijen betrokken. Alle partijen hebben verschillende belangen, die op de beste wijze verenigd moeten worden om te komen tot een optimaal resultaat. De vertegenwoordigers vanuit de zorg kennen als geen ander de werkprocessen die in de nieuwe ruimten en op de afdeling worden uitgevoerd. Het is daarom van groot belang dat de input vanuit deze eindgebruikers goed wordt vertaald om de ideale eindsituatie te creëren. In het traject om tot het optimale resultaat te komen, moeten zorgprofessionals, architecten, adviseurs, uitvoerende partijen antwoord kunnen geven op diverse vragen, waaronder:

  • Welke logistieke en bouwkundige voorwaarden moeten worden onderzocht?
  • Wat zijn de nieuwste technische ontwikkelingen en mogelijkheden bij het ontwerpen en inrichten van een (hybride) OK?
  • Wat is vandaag de dag “State of the Art” op het gebied van luchttechniek?
  • Hoe zijn de ervaringen met de nieuwste (Zwitserse) richtlijnen? En hoe werkbaar zijn (deze) richtlijnen in de praktijk?
  • Wat zijn de werkervaringen in recent opgeleverde en spraakmakende projecten?

Op het congres is door de verschillende sprekers antwoord gegeven op deze vragen.

Gebruikersparticipatie

In zijn presentatie ging Jan in op het belang van gebruikersparticipatie tijdens de voorbereiding, de uitvoering van een verbouwing en wanneer het in gebruik is genomen. Jan heeft toegelicht dat het bij een bouwtraject aankomt op koorddansen, waarbij continu gezocht moet worden naar de balans tussen de zorgorganisatie enerzijds en de bouworganisatie anderzijds. De zorgorganisatie vraagt om flexibiliteit in het verbouwingsproces, de bouworganisatie wil juist concrete uitgangspunten vastgelegd hebben.

Tijdens de voorbereidingsfasen van een project (initiatief-, definitie- en ontwerpfase) is de meeste flexibiliteit aanwezig om het eindresultaat bij te sturen. Dit is daarom hét moment om met elkaar te bepalen hoe de toekomstige werkprocessen er uit gaan zien. Na de verbouwing moet de huisvesting deze nieuwe werkprocessen namelijk optimaal ondersteunen.

Tijdens de uitvoering wordt de invloed op het eindresultaat minder omdat de papierwerkelijkheid (het ontwerp) wordt omgezet in stenen. Het zal echter voorkomen dat de opstelling van medische apparatuur en inrichting in een OK nog geen definitieve status heeft. Door deze ruimte als ‘sterruimte’ te markeren, is het voor de aannemers duidelijk dat het technische ontwerp van deze ruimte zal wijzigen. Op deze wijze kan voor de zorgorganisatie de gewenste flexibiliteit in het proces behouden blijven, terwijl de aannemer al start met de uitvoering.

Op het moment dat de nieuwe afdeling in gebruik is genomen, staat voor de bouworganisatie één ding vast: het is nooit klaar. Installaties moeten onderhouden worden en het gebruik van een ruimte verandert waardoor deze moet worden aangepast. En als we nog verder vooruit kijken, staat er altijd een volgende renovatie gepland op de lange termijn. Al in de voorbereiding moet hierop geanticipeerd worden door de afdeling zo te ontwerpen dat de impact op de bedrijfsvoering minimaal is. De basis ligt in een goed logistiek ontwerp, waarbij de bouwstromen de processen van de OK niet doorkruisen.

2017-07-03T15:12:20+00:00